Er zijn flinke stappen gezet door de partners van Circulair BouwLab in de eerste maanden van dit jaar. Het ontwerp voor het gebouw is definitief geworden en we hebben de aanvraag voor de omgevingsvergunning ingediend bij de gemeente Haarlem! Met de Circulaire BouwLab Experience als ‘living lab’ gaan we aantonen dat circulair bouwen echt mogelijk is. Daarom is het essentieel om in dit proces de mate van circulariteit meetbaar en inzichtelijk te maken. We hebben de eerste berekeningen gemaakt en de resultaten zijn positief. 

Het Circulaire BouwLab is een uitdagend en innovatief project. Aangezien het een waardevolle casestudie is, is het betrekken van kennis en partners in elke fase anders en zeer belangrijk. Alle betrokken partijen leveren hun eigen inbreng. De ontwerpende partijen Dura Vermeer (onderbouw), Groothuis Bouwgroep (bovenbouw) en WSP (hoofdconstructeur) zijn in co-creatie sessies tot een definitief model en uitgangspunten gekomen. Met het definitieve ontwerp zijn een aantal onderzoeken en tests gedaan. Duvast is door Groothuis aangehaakt om de circulariteit van het project te meten.

Hoe meten we de circulariteit
Er is nog geen universeel geaccepteerde methodiek voor het meten van circulariteit. Er bestaan wel een groot aantal tools, zoals scans en databases waarmee je de circulariteit kwalitatief of kwantitatief in kaart kunt brengen. De eerste berekeningen zijn gedaan op basis van de MPG- en BCI-methoden. De MPG staat voor Milieu Prestatie Gebouwen en BCI staat voor Building Circularity Index. De berekeningen zijn uitgevoerd en de resultaten zijn positief.

Wat is een MPG-, GPR- en BCI-berekening?
De MPG-berekening is een berekening waarmee de milieubelasting van een gebouw wordt gemeten aan de hand van de toegepaste materialen. De MPG-berekening is slechts een klein onderdeel van de GPR-berekening (Gemeente Praktijk Richtlijn), maar is in tegenstelling tot de GPR-berekening wel een onderdeel in het bouwbesluit.

De GPR-berekening (Gemeente Praktijk Richtlijn) is een complexere berekening waarmee de totale duurzaamheid van een gebouw wordt beoordeeld aan de hand van 5 thema’s: energie (EPG/EPC-berekening), milieu (MPG- berekening), gezondheid, gebruikskwaliteit en toekomstwaarde. De MPG rekenmodule van GPR Gebouw is nog niet beschikbaar gemaakt voor bestaande gebouwen. Op dit moment is er echter geen betere MPG rekenmethodiek beschikbaar. De MPG berekening is gebaseerd op het BVO (Bruto Vloeroppervlakte van het gebouw en de hoeveelheden van toegepaste materialen. De score wordt uitgedrukt in €/m2 BVO. Een lagere waarde geeft aan dat er minder milieubelasting is door materiaalgebruik. In de bepaling van de milieubelasting worden schadelijke componenten meegenomen.

De BCI-berekening sluit in grote lijnen aan op de MPG-berekening, maar is uitgebreider. De BCI-berekening integreert meerdere meetmethodieken. Hierin worden de losmaakbaarheidsindex (meetmethodiek RVO), de MPG en de MCI (Material Circularity Indicator) gecombineerd en is er een koppeling met vastgoeddata (NIBE) en de nationale productdatabase (NMD).

Aan de hand van de uitkomsten van de berekeningen hebben Groothuis en Duvast gezocht naar optimalisaties om de milieu-impact van de nieuwe producten zoveel mogelijk te beperken en de losmaakbaarheid te bevorderen.

Uitkomsten en resultaten berekeningen
Het BouwLab heeft een MPG-waarde onder de 1 en scoort daarmee 30% beter dan de eisen voor MPG plichtige gebouwen uit het bouwbesluit. Daarbij moet worden opgemerkt dat de verwarmingsinstallaties buiten beschouwing zijn gelaten (deze zijn niet van toepassing). In vergelijking tot andere industriegebouwen scoort het BouwLab geen aantoonbaar lagere MPG-waarde. In de regel worden industriegebouwen gerealiseerd met een kleiner dak en glasoppervlak en wordt daarmee een lagere milieubelasting bereikt, referentiewaarde is € 0,5 tot € 0,7 per m2/BVO. Het BouwLab scoort een MPG-waarde van € 0,7 m2/BVO. Dit is geen significant lagere waarde.

De BCI score van het BouwLab gebouw is berekend op 60%. Een BCI-score van 60% geeft aan dat het gebouw grotendeels circulair is ontworpen. Er worden enkele materialen toegepast die door samenstelling en wijze van montage minder circulair zijn. Denk hierbij aan beton, sandwichelementen, pvc en elektrotechnische onderdelen. Het gebouw leent zich in grote mate voor hergebruik en de hoge losmaakbaarheidsindex geeft aan dat het gebouw demontabel is ontworpen. De BCI score van 60% betekent dat 60% van het gebouw potentieel is door materiaalgebruik en wijze van montage. De losmaakbaarheidsindex is vastgesteld op 70%, dit betekent dat 70% van het gebouw losmaakbaar is ontworpen.

Materialenpaspoorten
Groothuis Bouwgroep is begonnen met de pilottrajecten van het NIBE om mee te denken over afspraken voor het meten van circulariteit en paspoorten voor de bouw. In deze pilots wordt gespard met concullega’s en partners. Daarnaast wordt aan de hand van de input, vragen en praktijkervaringen van alle projecten Leidraad 3.0 opgesteld.

Op dit moment bekijken we hoe we de materialenpaspoorten voor Circulair BouwLab kunnen en willen toepassen. Een materialenpaspoort van een bouwwerk maakt inzichtelijk welke materialen bij de bouw zijn gebruikt en hoe ze zijn verwerkt. Dat maakt het hergebruiken en terugwinnen van materialen bij de sloop of demontage veel eenvoudiger en geeft bouwwerken meer waarde. Een materialenpaspoort is meer dan een digitaal opleverdossier. Het is een digitaal dossier per gebouwelement (afhankelijk van inrichting). Het Circulaire BouwLab zal worden gebruikt voor het testen van IoT. Een mooie stap in dit Smart Building proces is het combineren van het model, de materialenpaspoorten en de domotica. Het is van belang om op voorhand de juiste informatie en kaders op te stellen. Als je de basis op orde houdt, dan blijft uitbreiding overzichtelijk.

Staalpartner gezocht!
Ben of ken je een goede partner in staal? We horen het graag! We zoeken een goede partner voor het verbeteren, conserveren en controleren van het staal dat door RGS is gedemonteerd uit het pand in Almere. Het staal van het donorpand is eerder toegepast en heeft een geschiedenis. Daarom moet er onderzoek worden gedaan naar de huidige status en kwaliteiten. Aan de hand van deze gegevens kunnen we beoordelen welke handelingen en/ of toepassingen er nodig zijn om het staal te bewerken.

Deelnemen of een bijdrage leveren?
Wil je meer weten of met je organisatie een bijdrage leveren aan De Circulaire BouwLab Experience als ‘Living Lab’? Neem contact op met Annette Beerepoot van BouwLab R&Do: annette@bouwlab.com | +31 85 750 04 33

>> Lees meer over het project 

Volg BouwLab R&Do op LinkedIn voor de laatste updates over de Circulaire BouwLab Experience.